Autisme in tijden van corona, deel 3

Het was mooi weer zaterdag en vanwege de crisis vierden we dat veilig in onze eigen tuin. Aan ons zou het niet liggen.

Ik zat te schrijven op een gammel visserskrukje dat ik ergens uit een berg rommel had getrokken. Iets anders om op in de zon te zitten was er even niet, want mijn man had een aanval van opruimwoede te pakken, die hij aan het uitleven was op onze schuur. Hard nodig, want er heeft de hele winter een onuitroeibare muizenplaag in gewoed.

Wat poepen muizen trouwens bizar veel! Onvoorstelbaar dat die beesten de evolutie hebben overleefd met zo’n inefficiënt spijsverteringssysteem.

Eenpersoons klus

Samenwerken vind ik lastig zonder duidelijke instructies, maar schuren opruimen vind ik echt een typische eenpersoons klus. Anders loop je elkaar maar in de weg, toch? Daarom keek ik alleen af en toe of het nog goed ging en greep ik pas in als de kinderen lastig deden. Mijn man vond het goed. Hij kent me inmiddels goed genoeg om te weten dat ik heus wel wil helpen als hij maar duidelijk aangeeft wat er moet gebeuren. Maar hij vroeg niets.

Om toch mijn schuldgevoel te sussen nam ik me voor om hierna de kinderen achter hun schermpjes vandaan te trekken en actief te gaan bezighouden. Al wist ik nog niet waarmee.

Mijn dochtertje kwam aanlopen. Ze had met een buurmeisje gespeeld.

‘Kijk, mam, dit hebben we gemaakt voor de oude mensen die nu geen bezoek meer mogen hebben.’

‘Wat een lief idee van jullie,’ zei ik.

Ze leunde over me heen, want ze paste niet tussen mij en de rommel door, en gooide een stapeltje gekleurd papier met veel glitters en hartjes naast me op de grond. Daarna ging ze weer weg en een windvlaag spreidde de kinderkunst verder uit over de klinkers. Het papier knisperde: ‘raap ons op, raap ons op.’

Ik schreef verbeten door.

De volgende die zich aandiende was mijn zoontje, met zijn gele kaplaarzen. Hij schopte ze uit tegen mijn krukje en wurmde zich langs me heen. Ik waarschuwde hem voor het zojuist schoongespoten pad dat nog steeds blank stond, maar greep niet in toen hij er toch met op zijn sokken doorheen liep, zo het huis in. Binnen ging hij op de bank hangen met een tablet. Mijn oudste zoon zat ook in de huiskamer achter een schermpje.

Rommel, wegwaaiend papier, wankel visserskrukje, felle zon, rondslingerende gele laarzen, natte sokken, schermverslaving, opruimende man, schuldgevoel…

Genoeg!

Dit kon mijn hoofd niet langer aan. Ik stond op, grabbelde het papier bij elkaar, de laarzen, mijn laptop, bad dat mijn draadloze muis er onderweg niet vanaf zou donderden, en liep naar binnen. Bij de achterdeur struikelde ik bijna over een in de opening gesmeten kinderjas.

Ik haat het als ik niet weet wat er van me verwacht wordt. Moest ik ook maar gaan schoonmaken en opruimen? En de kinderen dan? Die kon ik toch niet de hele middag binnen achter hun tabletschermen laten zitten? Ook onze dochter had zich inmiddels bij het digitale spel gevoegd.

Maar eigenlijk wilde ik ook nog fluitspelen en schrijven…

‘Moet dat per se, denk je dan niet teveel aan jezelf?’ zeurde een stemmetje in mijn hoofd. Ga eens iets nuttigs doen!

Uiteindelijk heb ik toch een ruwe versie van een blog geschreven om mijn hoofd een beetje leger te maken. Daarna riep ik de drie de kinderen achter hun schermen vandaan en behaalde daaruit een score van twee. Mijn oudste ging bügelspelen op zijn kamer en mijn dochter wilde wel met mij een eindje fietsen langs de weilanden om pony’s te spotten en bloemen te kopen van kwekers. De jongste kreeg ik helaas niet met enig fatsoen van de bank af.

Nuttig?

’s Avonds, toen de kinderen op bed lagen, dacht ik verder over na over dat ene zinnetje in mijn hoofd: ga iets nuttigs doen. Een ontzettend vervelend dwingerig zinnetje, alsof mijn keel erdoor wordt dichtgeknepen.

Schuren opruimen en voor kinderen zorgen zijn zonder twijfel nuttige activiteiten. Maar hoe zit dat nu met de dingen die ik graag doe, gewoon omdat die mijn passie hebben? Hoe zinvol is het om daar nog mee bezig te zijn nu het gezin me zo hard nodig heeft en mijn agenda voorlopig leeg blijft? Geen concerten, geen nieuwe projecten, minder inspiratie om te schrijven…

Hoe langer ik erover nadacht, hoe verdrietiger ik ervan werd.

Vogels

Ik las in mijn Bijbel:

Kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt. Zijn jullie niet meer waard dan zij?-Mat. 6:26

Ik hou van de natuur, van dieren, planten, bloemen, watervallen en regenwouden. Maar het meest hou ik van vogels, alle soorten vogels. Waarom eigenlijk? Ik heb er verder niets aan. Ze poepen op de auto en soms op de was, graven mijn planten in de tuin omver, stelen het voer voor onze kippen. En toch geniet ik van ze, gewoon omdat ze zo lekker onbezorgd zichzelf zijn. Vogels zitten nergens mee. De hele wereld is in de ban van corona en zij vliegen nog gewoon rond, zingen een keihard ochtendlied in de dakgoot, en gaan gewoon door met nestjes bouwen Mooi en bijzonder vind ik ze en ik kan er mijn ogen nauwelijks vanaf houden, of het nu een merel is of een zeearend.

Zou mijn hemelse Vader dan ook niet het meest blij worden als Hij naar beneden kijkt en ziet dat ik gewoon probeer om in alle omstandigheden het ‘vogeltje’ te zijn dat Hij heeft gemaakt, niet meer en niet minder?

Niemand kan in de toekomst kijken. De vogels niet en ik ook niet. Alleen God. Geen idee of ik het goed genoeg doe in al mijn verschillende rollen, maar het is in Zijn hand, dus komt het goed.

Heer, kom mijn angst en gebrek aan vertrouwen te hulp!

Like en deel dit op facebook:-)

Autisme in tijden van corona, deel 2

Beer voor het raam voor de berenjacht

Langzaam went het

Het is nu twee weken geleden dat de scholen dichtgingen, dat mensen thuis moesten gaan werken, alle kerken en verenigingen gesloten werden, afspraken werden afgezegd en alles wat leuk is werd afgelast. Het lijkt veel langer.

Hoe benauwend het ook is, het lijkt te wennen. Er zijn momenten waarop het voelt alsof er een nieuw soort normaal is ontstaan, hoe bizar ook.

En toch, ondanks de gewenning -of is het verdoving?- vlammen soms ineens het verdriet en de angst weer op. Want het is heel erg wat er allemaal gebeurt.

Zijn er dan alleen maar nadelen?

‘Zijn er alleen maar nadelen?’ vroeg iemand bij wie ik mijn hart luchtte. Dit is een hele goede vraag. Want nee, natuurlijk zijn er niet alleen maar nadelen. Alles heeft twee kanten, dus dit ook. En het helpt om daaraan te denken.

De natuur herademt, letterlijk: de lucht is schoner dan ooit tevoren in het bestaan van iedereen die nu leeft. En ja, er is veel asociaal gedrag en ikke ikke ikke, maar er zijn ook hartverwarmende initiatieven, zoals de lieve kaarten voor mensen in verzorgingstehuizen, boodschappenservice, gratis kinderprogramma’s online. En natuurlijk de berenjacht.

De berenjacht. Zondagmiddag hebben we de kinderen ermee kunnen losweken van hun schermpjes. Met een aankruisblad en een potlood gingen we door de wijk om knuffelberen te spotten en te zwaaien naar mensen die we niet eens kennen. Dat gaf een gevoel van verbondenheid die ik lang niet heb gevoeld. Ik ben niet meer de enige die aan huis gebonden is, die nauwelijks sociale contacten heeft en die winkels mijdt. Nu heeft bijna iedereen dat.

Maar de natuur en alle lieve acties vormen niet het enige goede nieuws in deze moeilijke tijd, heb ik ontdekt…

Ja…maar nu ben IK de juf

‘Nee, liefje, dat moet je zo niet doen’ zeg ik tegen mijn dochtertje, dat in tranen is uitgebarsten bij haar rekensommen.

‘Maar de juf zegt dat het wel zo moet.’

‘Ja, maar nu ben IK de juf’ zeg ik. ‘En ik vertel je dat jouw hoofdje zo niet werkt.’

Ik herinner me nog hoe vreselijk ik het vroeger vond om te moeten werken met al die methodes die voor anderen makkelijk waren, maar niet voor mij. Net als mijn dochtertje moest ik altijd eerst op de een of andere manier zelf uitvogelen waar al die losse stapjes voor waren en hoe die dan tot het juiste antwoord konden leiden. Pas dan kon ik het snappen, maar het koste veel, heel veel tijd. Wat een wanhoop!

Nu krijg ik de kans om mijn meisje te helpen, dat tegen dezelfde hindernissen aanloopt. Ik leg haar uit wat anderen kennelijk automatisch zien en weten. Ik teken het uit. Ik leer haar trucjes. Ik leg haar het principe van een staartdeling uit, ook al heeft ze die op school nog niet gehad. En het helpt, al was het maar voor haar zelfvertrouwen.

‘Goed zo! Zie je wel dat je het kunt?’

Autisme tussen vier muren

Viervoudig autisme in één pand is heftig, zonder meer. Er wordt gewiebeld, geklierd en non-stop keihard gekletst. Ze prikkelen elkaar ermee dus het resultaat is exponentieel. Meerdere malen per dag zijn er huilbuien en brulpartijen en erger. De hersenen draaien overuren om al die prikkels te verwerken en ondertussen komen de zorgen en de angst om het virus en alle veranderingen daar nog bovenop. Als je nog niet wist wat autisme is, dan leer je het nu.

En ik? Nog steeds kost het me al mijn energie en heb ik dag en nacht mijn oordopjes in. Mijn oren gloeien en jeuken ervan.

Maar nog nooit heb ik mijn kinderen zo goed en zo vaak kunnen troosten. Nooit heb ik zoveel mogelijkheden gehad om ze uit te leggen wat het betekent om autisme te hebben, om eerlijk te praten over sterke en minder sterke kanten en hoe je daar beter mee om kunt leren gaan. Onze hersenen zijn gevoelig en kunnen goed nadenken, maar ze kunnen daardoor ook retegoed piekeren en dan lijkt alles enorm groot en onoverzichtelijk. Maar het komt goed en er zijn nog steeds fijne dingen, ook nu. Echt!

Terwijl ik hen troost hoor ik mijn eigen woorden en zo troost ik ook mezelf een beetje.

Schooltje spelen?

In mijn vorige blog schreef ik dat ik nu privéleerkracht aan huis ben, maar daar kom ik van terug. Want ik ben nog steeds in de eerste plaats moeder, een moeder die haar weg probeert te vinden in dit plotseling compleet andere leven en die haar kinderen helpt en bijstaat, samen met haar man. Godzijdank!

Muziek online

En behalve moeder ben ik ook nog fluitist. Ik dacht eerst dat de fluit wel ergens achterin een kast zou verdwijnen in alle rampspoed. Maar dat is niet zo. Ook hierin vind ik langzaamaan een nieuwe weg.

Op social media zie ik dat musicerend Nederland de podia heeft verlaten en nu volop actief is op het internet om te troosten, te bemoedigen en om uit te spreken wat niet op een andere manier gezegd kan worden. Er is dus nog steeds muziek in tijden van corona.

Ook ik blijf niet achter. Want als ik muziek maak dan is er even geen crisis. Dan zijn er ook geen woorden nodig. Dan ben ik gewoon zoals God me heeft bedoeld, met het talent dat ik van Hem heb gekregen. En dat is het heerlijkste wat er is.

Gods troost

Maar mijn enige echte troost vind ik nog altijd in mijn tijd met de Heer, want als ik moe en overprikkeld ben, helpt muziek me niet. Dan heb ik het nodig dat God naar me uitreikt en mijn hand pakt, via bemoedigingen, via een lied, door bijbelstudie of door gewoon een moment stil te mijmeren en te bidden.

‘U mag uw zorgen op Hem afwentelen, want u ligt Hem na aan het hart.’- I Petrus 5:7.

‘God zal u sterk en krachtig maken, zodat u staande zult blijven en niet meer zult wankelen.’- I Petrus 5:10.

Wil je meer lezen, kijk dan verder op deze site of schrijf je hiernaast gratis in voor updates als ik iets nieuws post.

Je kunt ook de facebookpagina van Zo kun je ’t ook zien te liken.

Like en deel dit op facebook:-)

Nieuw voor oud

srcabble koekvormpjes met de woorden oud en nieuw
Het oude is voorbij; tijd voor iets nieuws!

‘Waarom moeten we nu alweer ergens heen? Eerst twee keer achter elkaar kerst, een verjaardag en nu weer dit. Wat is nieuwjaarsdag trouwens voor een feest?’

Dit is in vraagvorm  weergegeven tegenzin van mijn oudste zoon. Dat doet hij wel vaker.

Ik weet uit ervaring:

  1. dat hij niet bedoelt dat hij zijn opa’s en oma’s niet wil zien, maar dat hij het vervelend vindt dat zijn routine nu alwéér wordt doorbroken. Daarom ga ik niet zitten smeren met hoe lief opa en oma altijd voor hem zijn en dus dit en dat en bla bla bla en zo.
  2. dat de laatste vraag, die met ‘trouwens’ erin, voortkomt uit oprechte interesse. Hier ga ik dus wèl op in.

‘Wat is nieuwjaarsdag trouwens voor een feest?’

Ik weet het ook niet en vind het een goede vraag, dus zoek ik het op met mijn telefoon. Zoonlief kijkt mee. Ondertussen geeft hij onophoudelijk uitleg over bijzondere culturele uitingen van andere volkeren en stelt hij me quizvragen om te checken of ik wel zit op te letten. Heel interessant allemaal. Vooral dat ze in sommige stammen de vinger van een geliefde mee begraven met de overledene. Of dat ze de as van de crematie later opdienen in de soep voor de genodigden. Ik zoek rustig door, maar de volgende keer als ik naar een ver land reis, zal ik eerst uitgebreid vooronderzoek doen voor ik me ergens aan waag.

Ik zoek eerst op ‘zonnewendefeest’. Daar blijkt ons oud & nieuw niet veel mee van doen te hebben. Vreemd, want ik dacht altijd van wel. Het blijkt erger te zijn: het zonnewendefeest is volledig opgegaan in Kerst, met boomaanbidding, magische kransen en overige heidense symboliek en al, tot aan de midwinterhoorn aan toe. Mijn zoon is er uitzinnig over en ik denk: hoezo christelijk feest?

De langste nacht

Hoewel het zonnewendefeest ooit opging in Kerst,  is de echte zonnewende niet op 24, maar op 21 december, want dan is de langste nacht en vanaf dan komt dus langzaam het voorjaar weer terug. De zonnewende heeft zelf niets met religie te maken, maar is gewoon een bepaalde stand van de zon ten opzichte van de aarde, net zoals de maan verschijnt in de nacht en de zon opkomt als het ochtend is.

Voorstel tot traditiewijziging

Waarom draaien we het dan niet gewoon om en vieren we Oud & Nieuw op 24 en 25 december en Kerst op 31 december en 1 januari? Dan dopen we ‘Oudejaarsavond’, die dan dus op zonnewende op 21 december plaats vindt, om tot ‘Feest van de langste nacht’ en dan vieren we met Kerst dat we een nieuw jaar van de Heer krijgen, een nieuw begin met de komst van Christus. Het sluit ook meteen beter aan bij onze jaartelling die per slot van rekening ook gekoppeld is aan de geboorte van onze Heiland: ‘na Christus’.

Ja, ik weet dat Christus niet echt geboren is op 1 januari, maar ook niet op 25 december, dus…

En dan kunnen we ook meteen de waanzin van het consumentenvuurwerk geheel verbieden…

Oeps wat zeg ik nu???

Nee, dat zal wel niet gaan…als er na zoveel vernielingen, woningbranden, meer dan 60 uitgebrande auto’s in één en dezelfde stad, ontelbare gewonden, mensen voor de rest van hun leven verminkt, met vuurwerk bekogelde hulpverleners en op afschuwelijke wijze omgekomen burgers, nog steeds mensen zijn die het acceptabel vinden dat er in het hele land oorlogje wordt gespeeld met echte explosieven, ook door kinderen…

2 januari

Nu ik verder schrijf, op 2 januari, de dag na de familiebezoeken met de beste wensen en de eerste horror beelden op televisie, beleef ik mijn eerste echte dag van het nieuwe jaar, lekker alleen thuis, want de kinderen mogen een dagje bij opa en oma. Eindelijk even de kans om tot mezelf te komen: mijn persoonlijke zonnewende is een feit.

Eerst heb ik uitgeslapen. Dat was hard nodig, niet alleen vanwege de festiviteiten, maar ook doordat mijn man al een paar dagen verkouden is. Ik kan echt NIET tegen verkoudheidsgeluiden. Zelfs van slikgeluiden word ik al wakker. Daar helpen oordoppen tegen, maar die helpen niet tegen zwaarder geschut zoals snotteren, snurken en hoesten. Ik hoor echt ALLES, keihard!

Mijn man is een schat. En praktisch ingesteld. Hij stelde voor om het slaapprobleem op te lossen met een bed-ruil: onze dochter bij mij en manlief op zolder met zijn onzichtbare zeehond. Kon ik even bijtanken.

Van kaft tot kaft

En nu, uitgerust en vrij, besluit ik om mijn Bijbelstudie weer op te pakken, je weet wel: mijn project om de Bijbel van kaft tot kaft te lezen. Dat is juist nu absoluut noodzakelijk in alle chaos, onheil en pure slechtheid die zich de afgelopen dagen heeft afgespeeld en die me ook vandaag nog elk moment wordt opgediend via mijn telefoon.

Het maakt niet eens uit wat ik in mijn Bijbel lees, zo lijkt het wel, als ik maar lees en mijmer. Ik maak er mijn hoofd mee leeg en dan kan ik dingen weer enigszins in verhouding zien.

Inmiddels heb ik I Kronieken net uit.

I Kronieken

Eerlijk gezegd had ik vandaag  juist in dit boek géén zin. Beide boeken Kronieken herhalen grotendeels de informatie van de boeken Koningen, die ik vlak voor de kerst al  net achter de kiezen had. En verder alleen maar opsommingen, lijsten, namen, pfff. Maar ik ben mijn voornemen trouw, dus.

En dan blijkt het uiteindelijk toch de moeite waard. Mijn Jongerenbijbel vermeldt namelijk dat I Kronieken 25 het lievelingshoofdstuk van één van lievelingscomponisten was: Johann Sebastian Bach.

Hé, dat wist ik niet!

Van alle Bijbelteksten was ik er nooit op gekomen dat de briljante componist van de Matthaüs Passion uitgerekend voor dit hoofdstuk zou kiezen. Het bevat namelijk helemaal geen verhaal, geen spreuk, geen levensles…

Of toch wel? Johann was toch niet gek?

Al lezend kom ik bij vers 8 en dan snap ik het:

‘De zangers werden door loting in wisseldienst ingedeeld, zonder onderscheid te maken tussen oud en jong, volleerde zangers en leerlingen.’

Wat een prachtige gedachte om 2020 mee te beginnen!

Vaak voel ik me ingehaald door jonge veelbelovende musici of door collega’s die gewoon een beter netwerk en een overtuigender CV hebben dan ik. Of ik heb misschien gewoon te weinig geduld, dat zou natuurlijk ook kunnen.

Hoe dan ook, ik zoek me suf naar vacatures en audities voor fluit bij orkesten, ensembles, christelijke koren etc. Ik had veel beter piano kunnen gaan spelen of viool, zo lijkt het. En met schrijven is het niet zo heel anders. Ik had bijvoorbeeld beter een minimal lifestyle blog kunnen hebben of een rauwvoedseldieetboek kunnen gaan schrijven..lekker jong fotootje van tien jaar terug erbij…

Maar hippe frisheid, het juiste diploma en een goed CV zonder gat, kink of kloof, dat heb je alleen maar nodig om mensen te overtuigen. God kent jouw talent en kundigheid ook al zonder dat je jezelf hoeft te bewijzen. Van God mag jij dicht bij jezelf blijven, bij wat jij kunt en waar jouw hart sneller van gaat kloppen.

Hij kent onze gedachten en de wensen van ons hart en hij zal iedereen op de juiste tijd inloten op precies de goede plek, wat die plek ook zal zijn.

Het wordt niet minder, het wordt beter, ook al lijkt het met de wereld steeds slechter te gaan. We krijgen nieuw voor oud, niet andersom. II Cor.5:17

En hoe is jouw begin van het nieuwe jaar?

Meer lezen? Zie dan ook: Goede voornemens, zinvol? Kerstmuziek, De toekomst belooft wat

Like en deel dit op facebook:-)